Vechtscheiding: geen weg terug?

02-04-2018 - Erik van der Werve

Vechtscheiding: geen weg terug?

Een paar jaar geleden sprak ik met twee jeugdhulpverleners over vechtscheiding. Ze vertelden dat ze bij ongeveer 30 a 40 % van hun zaken te maken hebben met een vechtscheiding. Ze schetsten dat als ouders in een vechtscheiding zitten, het bijna niet meer lukt om ze inzicht te geven in wat hun kinderen willen, namelijk ophouden met ruzie maken. Ouders blijven zich vastbijten in hun conflict, alles staat in het teken van de ander te (willen) winnen.

Wat helpt?

Wat kan wel helpen? Ga met ouders apart in gesprek en wijs ze op hun verantwoordelijkheid voor het welzijn van de kinderen, was een eerste antwoord van hen. Het helpt ook om anderen erbij te betrekken. Zeker als mensen nog vriendschap hebben met beide partners, kunnen ze waardevol zijn. Ze kunnen bijvoorbeeld de strijd tussen ouders relativeren en ouders wijzen op het welzijn van de kinderen. Ook kinderen zelf kunnen aangeven dat ze willen dat de strijd stopt, daarbij hebben ze vaak wel steun van een volwassene nodig. Ouders geven vaak aan dat ze de strijd voeren in het belang van de kinderen. Een mogelijkheid is om met hen hierover in gesprek te gaan. Wat betekent belang van de kinderen? Willen ouders bijvoorbeeld de site van Villa Pinedo eens bekijken? Herkennen ze hierin ook wat hun kinderen overkomt?

Alternatieven?

Met de jeugdhulpverleners kwamen we erop uit dat ouders zelf kiezen, ook voor het blijven doorvechten in een echtscheiding. Ze zagen weinig alternatieven, als ouders niet een andere koers willen varen. Een uithuisplaatsing zou extra traumatiserend werken. Een alternatief dat ze noemden was het sterker maken van kinderen, door middel van individuele therapie, zodat ze later beter konden omgaan met de echtscheiding. Had natuurlijk niet hun voorkeur, ook omdat het in een bepaald opzicht de omgekeerde wereld is. Kinderen leren zich volwassener gedragen dan hun ouders. Wat werkt dan wel? Is er geen weg terug?

Geweldloze communicatie

Volgens Marshall Rosenberg, de ontwerper van geweldloze communicatie, is een conflict binnen 20 minuten opgelost, als de ander in zijn eigen woorden de behoefte van zijn opponent kan weergeven. Hoe komt dat? Marshall Rosenberg zegt dat mensen twee spelletjes spelen, de ene is die van natuurlijk geven (ingaan op de eigen behoefte en die van andere mensen) en het andere spel is: wie heeft er gelijk. Dat laatste spel zorgt ervoor dat mensen zich van zichzelf vervreemden en vervreemden van de natuurlijke behoefte iets voor zichzelf of voor een ander te betekenen. We kennen dat meestal wel uit onze eigen ervaring: Zodra je denkt gelijk te hebben en dit ook gaat najagen, verhardt je standpunt, word je formeler en bereid je jezelf erop voor, om het uit te gaan vechten. Toch als het lukt iemand te spreken, de telefoon te pakken bijvoorbeeld en te zeggen waarmee je zit, wat je voelt en wat je graag zou willen, is de eerste stap al gezet naar een oplossing. Wat in het klein kan, kan ook in het groot. Naar het model van geweldloze communicatie van Marshall Rosenberg, drukken ouders in een vechtscheiding, op een onhandige manier, een onvervulde behoefte uit. Bij boosheid denken mensen dat een ander verantwoordelijk voor de onvervulde behoefte is. Door weer in contact te komen met deze behoefte, er (weer) verantwoordelijkheid voor te nemen en deze te communiceren naar elkaar, worden behoeften eerder vervuld. Als behoeften niet worden vervuld, geen ramp, dan kunnen er gevoelens van teleurstelling en verdriet zijn. Door zo weer te (leren) communiceren voorkom je dat je een ander schade aandoet. De kans dat je behoefte vervuld wordt, wordt ook groter.